Eerste reactie PvdA op Voorjaarsnota 2011
PvdA Castricum weet dat er moet worden bezuinigd, maar is het niet eens met de keuzes van het College van Castricum. Het sociale cement in de samenleving wordt afgebroken
Het land verkeert in de ban van het
bezuinigingsmonster. Van alle kanten komen de signalen en dreigingen op ons af
dat we allemaal de broekriem zullen moeten aanhalen. En dat lijkt ook redelijk gezien
de omstandigheden waar in ons land verkeert. Het lijkt redelijk dat we daar
allemaal aan bijdragen, maar is dat ook zo? En als dat al zo is, hoe moeten we
dat dan doen? Leiden de plannen van het huidige College in Castricum hiermee
tot het beste beleid, of zouden er ook andere, betere en meer eerlijke oplossingen
kunnen zijn? De PvdA is van mening dat dat inderdaad het geval is. Eerder is
zij al gekomen met een tegenbegroting 2011. Daar is door de coalitie niet of
nauwelijks inhoudelijk op gereageerd. Nu ligt er de voorjaarsnota 2011 waar de PvdA
opnieuw haar ideeën over wil toelichten. Dit doen we dit keer niet alleen tussen
de muren van de raadzaal maar o.m. door dit artikel.
Voorstellen College uit Voorjaarsnota 2011
Het College van Burgemeester Wethouders van Castricum heeft tot dusverre
alleen maar laten zien in de uitgaven te willen snijden, daar waar het juist
niet kan. Zo liggen er de voorstellen om structureel te korten op subsidies
voor sport- en culturele verenigingen, schoolzwemmen helemaal af te schaffen,
bijdrage bibliotheek te verminderen (met sluiting tot gevolg) en besparing door
sluiting zwembad Limmen en Castricum. Daarnaast komen er forse verhogingen voor
de huur van sportvelden.
Wat betekent dat? Dat mensen die van een minimum inkomen
moeten rondkomen zelfs hun laatste mogelijkheden tot enig vertier kwijtraken
als zij een hogere bijdrage moeten gaan betalen. Organisaties kunnen hun
activiteiten niet langer uitoefenen en het rijke bestand aan vrijwilligers
wordt hun “werk” ontnomen. Afbraak van het sociale verenigingsleven dat ons
dorp nu nog weerhoudt om tot slaapdorp te verworden. “Kinderen hebben de toekomst” staat in de voorjaarsnota als
belangrijk uitgangspunt genoemd. Maar uiteindelijk zijn het deze kinderen die de
dupe zijn van de keuzes van dit college. Het College kan onmogeljk aanwijzen
waar de inzet voor jeugd in de Voorjaarsnota zichtbaar is. Geen duidelijk visie en korte termijn denken dus
vindt de PvdA.
Dat zijn wel de keuzes die dit college maakt,
onvoorwaardelijk gesteund door de coalitiepartijen CKenG, CDA, D66 en VVD. Want
dat is precies wat het is, een kwestie van keuzes maken. De Partij van de
Arbeid maakt dan ook andere keuzes, die in elk geval een goed sociaal klimaat
in onze gemeente in stand houden. Keuzes waarbij de mensen met de zwakste
schouders in elk geval maximaal ontzien worden.
Welke keuzes maakt de PvdA
Aanmerkelijke bezuinigingen kunnen ook gehaald worden
door een paar (infrastructurele) projecten te schrappen of op de lange baan te
schuiven. Waarom bv nu, zoals het college wil, twee (en niet één) pannaveldjes
bij de Augustinusschool, een duur bestemmingsplan Strandgebied als het huidige
beleid nog goed uitvoerbaar is, nu doorgaan met een geldverslindend project als
Geesterhage (en zo zijn er nog wel een aantal projecten te noemen). Terwijl het
gemeentelijk geldkraantje al lekt, ambitieuze beleidsplannen parkeren tot
betere tijden, uitvoering geven aan genomen besluit t.a.v. jongerenwerk in kern
Castricum, subsidioloog in ere herstellen, vooral het goede voorbeeld geven bij
de bezuinigingsopgaaf van 10% aan derden door zelf ook 10% minder wethouders in
te zetten, etc..
En als we al deze andere bezuinigingsbronnen volledig
afgeroomd hebben en dan nog fondsen nodig hebben om de sociaal-culturele
omgeving van Castricum in stand te houden, moeten we misschien eens afstappen
van iets dat inmiddels wel een opzichzelfstaand prestigeobject van dit college
lijkt te zijn: het niet verhogen van de Onroerend Zaak Belasting (OZB). Uit de
vorig jaar gehouden enquete van de PvdA is gebleken dat het merendeel van de
gevraagde inwoners best bereid is meer OZB te betalen als daarmee voorzieningen
in stand gehouden kunnen worden. Ook verschillende insprekers tijdens de
inspraakronde gaven deze suggestie mee. Als je, zoals het College doet, alleen
de vraag stelt of men een OZB-verhoging wil, is het antwoord natuurlijk
negatief. Als je mensen vraagt of ze akkoord willen gaan met een OZB-verhoging
om daarmee te voorkomen dat er fors wordt gesneden in allerlei voorzieningen en
sociaal beleid is het antwoord zeer positief.
Want op zich is het natuurlijk prachtig voor onze
burgers dat hun woonlasten zo laag zijn, maar als dat betekent dat er in de
kernen geen voorziening meer is overgebleven, hebben we het dan wel zo goed
gedaan? Gelijkblijvende OZB – zelfs geen inflatiecorrectie toestaan - mag
natuurlijk geen doel op zich zijn. De woonlasten zijn immers via de OZB een van
de meest belangrijke bronnen van inkomsten voor een gemeente, inkomsten die
noodzakelijk zijn om weer andere kosten te kunnen betalen. Denk hierbij aan onder
meer wmo, gezondheidszorg, onderwijs, huisvesting, groenbeheer,
afvalinzameling, lokale economie waarborgen, maar ook het ondersteunen van de
minder kapitaalkrachtigen. Daarbij telt natuurlijk ook dat het gemiddelde
inkomen in Castricum veel hoger is dan het gemiddelde inkomen in Nederland. Een
verhoging van 1% OZB kost een eigenaar van een huis van twee ton ongeveer 5
euro per jaar. De jaarlijkse opbrengst voor de gemeente neemt dan met 50.000
euro toe. Daarmee kunnen een flink aantal van de bezuinigingsmaatregelen van
dit College teniet worden gedaan.
Even een klein rekensommetje: Afvalstoffenheffing en
rioolheffing zijn doelbelastingen en mogen alleen specifiek voor deze
gemeentelijke taken besteed worden. Als deze heffingen bij de burger worden
verlaagd, is men best bereid om meer OZB te betalen. Er hoeft dan zelfs geen
sprake te zijn van een totale kostenverhoging voor de burger. Dit levert de
gemeente echter wel voldoende op om wellicht in één klap de bezuinigingen op de
subsidies onnodig te maken en nog ruim wat over te houden voor andere kosten
die op de gemeente afkomen.
Het is dus inderdaad een kwestie van keuzes maken. We
weten dat vooral de VVD onmiddellijk in een kramp schiet als er sprake is van
het verhogen van de OZB. Met het vers getekend coalitieakkoord worden overige
collegepartijen in deze eenzijdige ambitie meegetrokken. Ook als dat de
verkiezingsbeloften doet breken. (Cultuurnota, bibliotheekvestigingen in alle
kernen, JOP’s uitbreiden, wijkgericht werken, enz.) Bij de huidige beleidsvisie
ontbreekt het aan creativiteit. Er wordt slechts naar de uitgavekant van
begroting gekeken. Er worden nagenoeg geen voorstellen gepresenteerd die de
inkomsten positief kunnen beïnvloeden.
Natuurlijk, ook wij zouden graag een perspectief
willen bieden waarin de lasten heel laag blijven, en dat we alle verworvenheden
kunnen behouden. We zijn het er met elkaar over eens dat dit nu eenmaal niet
kan. Dus moeten we keuzes maken en die kunnen wat de PvdA betreft echt
genuanceerder worden gemaakt.
Samenvattend, gaat het bij de voorjaarsnota om verschil van inzicht:
1. lage woonlasten en maximale inzet op bezuinigingen (de
keuze van VVD en in haar kielzog haar coalitie”volgers”, belasten van de minst
sterke schouders), of
2. gereduceerde bezuinigingen en acceptabele stijging van
de woonlasten (de keuze van de PvdA, belasten van de sterkste schouders,
ontzien van de minder sterke of jeugdige schouders).